Als je haar ziet lopen, zou je het kunnen vermoeden. Niet vanwege haar kleding, die is alledaags. Hooguit ouderwets. Ook niet vanwege de boodschappentas. Niet de woorden die zij er in een monoloog uitgooit, want ze zwijgt. Ook niet de blikken naar omstanders want behalve naar een enkele etalage kijkt ze naar de stoeptegels alsof ze deze leest. Wat het hem doet, is haar loopje.
In het stadse rumoer en choreografische chaos is haar loopje een route volgens een strak lijnenpatroon. Het zou de aandacht van omstanders kunnen trekken, dat dribbelpasje. Iedere keer als ik haar in mijn wijk zie, bekijk ik het met belangstelling. Soms stokt haar pas en dan kijkt ze even naar boven. Haar hoofd rust dan in haar nek als een geknakt boomtopje, ogen staren naar boven. Armen hangen levenloos langs haar lichaam, iets naar achteren. Heupen ronden zich voorwaarts. Waar ze aan denkt? Eenvoudige zaken. Of nee, ogenschijnlijk eenvoudige zaken. Iets wat u en ik ‘praktische dingen’ zouden noemen, vermoed ik. Dingen die u en ik opzij duwen omdat oplossen meer energie vergt dan wegzetten of er overheen stappen. Hooguit zijn wij er kort over geïrriteerd. Maar voor haar is er wel degelijk sprake van een probleem. Zoals het boodschappenlijstje dat zij vandaag vergeten is.
Volgens exact dezelfde route keert ze terug naar haar woning. Waren de stoeptegels grasland geweest dan had er van haar voordeur tot aan de supermarkt een kaalgedribbeld paadje gelegen. U en ik hadden het hoogstwaarschijnlijk mooi zonder lijstje gesteld. Als dat zo is, dan mag u zich gelukkig prijzen. In haar universum is dit onmogelijk. Lijstjes, afspraken, vastgestelde locaties, geometrische patronen, houden haar in leven. Dankzij orde weet zij te overleven.
FERRY WIERINGA
1 reactie
Herbert · 4 oktober 2021 op 14:08
Waar ik aan denk, vraag je aan mij als ik dit korte verhaal net gelezen heb. Nou, ik denk aan de schrijver, ik denk aan jou. Ik denk aan de keer dat we samen door Amsterdam liepen in jouw wijk. Dat je me toen het compliment gaf dat ik nog een echte blik had voor het leven in Amsterdam. Een groot compliment want in jou zie ik mijn meester die zijn eigen blik ook nog eens in prachtige woorden weet te vangen.